Home | Hobbies | Books | Mutiara Laut | Website Projects | Links

Previous • Hoe het begon • 1943 • Tjihapit • Solo • Lampersari • Naar Nederland • Regerings Verklaringen

Van Moederland naar Vaderland (2-11-1945 --- 30-5-1946)

2-11-1945
Alles ging in een stroomversnelling. We kregen een oproep om naar het vliegveld te gaan.
In een open vrachtauto zaten we met ons hutje en mutje bij elkaar. In de stad heerste er een
nare, angstige sfeer en we moesten zoveel mogelijk bukken om niet goed zichtbaar te zijn. Om 11 uur
kwamen we veilig op het vliegveld aan. Daarna was het wachten en wachten op het vliegtuig, dat maar
niet kwam. Eindelijk om 5 uur konden we naar Batavia vertrekken.
Een prachtige tocht van anderhalf uur langs de kustlijn met helder weer en een ondergaande zon. Van
de Gurkha’s kregen we wat te eten uit blikjes. Na de landing bracht men ons voor de nacht naar het Tjikini-
hotel.
3-11-1945
We konden nog niet weg en zochten tante Emy en dr. Lim op. Bellakroontje moest een ei leggen
en vervulde die taak zoet in een hotelkast!
4-11-1945
In een zilveren Douglas vlogen we naar Bandoeng met een blij hart vol verwachting.
En ja hoor, Op vliegveld Andir zagen we onze twee lieve Friso’s weer terug!
Ontroerd en gelukkig konden we elkaar weer omhelzen. Pappie was niet veel veranderd, wat
magerder en wat ouder misschien. Maar Friso Jr. was een bleke, magere jongen met een dik
oedeembuikje. We hoorden, dat hij drie maanden lang erg ziek was geweest, maar dank zij
een paar trouwe pleegvaders had hij het gered. Als zij een extra’tje hadden, kreeg hij er wat
van mee. Als zij wat smokkelden, kreeg hij ook een aandeel. Akka had het helaas niet overleefd.
Maar heerlijk, we waren weer bij elkaar. In hotel Homan werden we voorlopig ondergebracht.
10-11-1945
We namen intrek in huize “Beatrix”, ons eigen huis aan de Beatrixboulevard, dat nog redelijk
goed de oorlogstijd had doorstaan. We ontmoetten verder fam. de Ridder, Mandersloot
en oom Ies de Koning, die in het Ursulinenklooster waren ondergebracht.
16-11-1945
Oom Ies vertrekt naar Batavia.
146
23-11-1945
Kortgeleden ontvingen we brieven uit Holland van oma Willie Bosman, tante Willie, oom
Albert, tante Nonnie, tante Heleentje, oom Gerard, tante Annie en oom Maarten. Zij hebben
ook veel moeilijkheden gehad in de bezettingstijd. Opa en oma Schrieke zijn overleden en
ook een paar oude tantes. In Holland was er de mogelijkheid om mee te doen in het verzet,
iets wat hier ondenkbaar was.
Laatste nieuws: Semarang is gebombardeerd. Hier ondervinden we alleen boycot in de aanvoer
van voedsel.
Wij willen ook graag naar Holland. Oma Willie heeft zelfs haar huis al aangeboden als voorlopig
onderdak. Maar van transporten schijnt nu nog niet veel te komen.
Ik ben weer naar de kerk en de P.J.C. geweest, maar het wordt wel vrij griezelig, want er
vinden veel overvallen en ontvoeringen plaats.
24-11-1945
Friso Jr. jarig! Tante Ank en oom Ben de Ridder kwamen langs met een kiektoestel.
Er worden geregeld mensen vermoord. Toch konden we even gaan zwemmen met Woutertje,
wat hij heel leuk vond.
Er slapen nu 's nachts twee Gurkha’s in ons huis, maar toch moeten we vluchtkoffers klaar
houden. Een tijd vol spanningen.
28-11-1945
Vanmiddag dronken we thee met kwee-talem1 op het balkon, toen er opeens gescho ten werd.
Aansluipende Gurkha’s kwamen voorbij. Auto’s werden beschoten. Een militaire auto met
een mitrailleur kwam vanaf de Dagoweg en reed de Ireneboulevard in, maar hij deed verder
niets. Vanuit de kampong duurde het schieten voort. 's Avonds kwamen er vluchtende me nsen
van de buitenste huizen voorbij. Ze zagen de gewapende inlanders aankomen. Toen hebben
wij ook onze koffers beneden klaargezet.
Het schieten werd al heviger en heviger. Een hele harde knal dichtbij. We vluchtten naar het
Lyceum op de Dagoweg. Onze koffers op en aan een fiets en Bellakroontje
in een mandje. De kogels floten om ons heen. Een oranje pak met spullen bleef in de tuin
liggen en ook de deur vergaten we op slot te doen. Vlug, vlug weg! Vele anderen vluchtten
met ons mee. In het Lyceum werden we in de aula opgevangen en daar kregen we op het toneelpodium
een slaapplekje op oude gordijnen en het mandje met de kip op een stoel.
29-11-1945
Vanmorgen vroeg weer terug naar “Beatrix”. Alles was in orde. Zelfs het oranje pak lag er
nog. Daarna konden we met de auto van dr. Stibbe naar het paviljoen van het Ursulinenklooster.
Fam. de Ridder verhuisde naar de Bandastraat en fam. Mandersloot naar Tjihapit.
Sinds gisteren heb ik weer geelzucht en is mijn eetlust bijna weg.
5-12-1945
Een echte St. Nicolaas en drie Pieten kwamen langs en strooiden uit zakken. Ze deelden zelfs
pakjes uit. (Wouter deed helaas net zijn middagslaapje). Onze drie jongens kregen samen een
mooie Amerikaanse trein met rails en een leuke veldfles, gemaakt van een klapperdop. Roelie,
Heleen en ik ieder een handwerk en een gesp. Mam een handtas met voor ieder een servet.
's Avonds laat kregen we nog twee Australische
1 een soort koekjes
147
pakketten met toiletartikelen en andere nuttige dingen. Geen schoenen helaas. Een paar dagen
werden er allerlei blikjes uitgedeeld. Mmmm! Spek, boter, haring, melk en pakjes biscuits.
22-12-1945
Vandaag zou oma An Schrieke (22-12-1874) jarig geweest zijn. We ontvingen weer een fijne
lange brief van oma Willie Bosman en tante Willie. Er kwam ook een brief van oom Jaap
Schrieke (Mam’s broer) uit Bangkok. Oma’s huis staat al voor ons klaar. Roelie kreeg weer
een brief van Ot van der Brug.
Gisteren kwamen we aan de beurt voor blikjes met corned beef, melk, margarine en biscuits.
Roelie kreeg ook nog een Australisch pakket.
In de krant lazen we, dat oom Bou Krijger op 5 December van Batavia naar Holland is ve rtrokken.
Tante Emy en oom Ies hopen gauw per boot te volgen.
Vanavond een muziekuitvoering van een sextet.
23-12-1945
Zondag. Ds. Woortman preekte. Op andere Zondagen doet ds. van der Linde dat.
Hij begint in Januari catechisatie te geven en daar zullen Roelie en ik ook heen gaan.
Paul is twee weken geleden op zijn achterste gevallen, had daarna pijn aan één van zijn ruggewervels
en moest daarna 14 dagen liggen. Het gaat nu beter, hij moet zich alleen nog wat
rustig houden.
Bellakroontje legt nog elke dag een ei. Ze is één keer weggelopen, maar de volgende dag
vonden we haar terug aan de overkant.
Weer brieven uit Holland gekregen.
Een paar dagen geleden trad er in het zaaltje een leuke goochelaar op: Leonardino, samen
met miss Fatima. Enig!
25-12-1945
Vanmorgen een kerstdienst met ds. van der Linde. 's Avonds een kinderkerstfeest.
We kregen allemaal een zakje lekkers, een chocolade reep en chocolademelk.
Woutertje heel enthousiast. Op onze tafel hadden we ook wat kaarsjes. Echt feestelijk!
26-12-1945
Een kerstviering voor ouderen met een mooi koor.
31-12-1945
Oudejaar met echte oliebollen! We bleven allemaal tot 12 uur op.
Er is een tentoonstelling over: “Hoe Holland leeft, werkt en opbouwt”.

1946
1-1-1946
Een nieuw begin. Wat zal dit jaar ons brengen?
's Avonds in het zaaltje een “Soirée variée” met dansen na. Heel leuk!
Roelie en ik werken geregeld in de ziekenzaal (eigenlijk kerkzaal) en verdienen
f 30,- per dag. Het is prettig en geen moeilijk werk.
Ik schreef een brief aan Linde, Roelie aan Willeke en Heleen aan Clara.(nichten).
8-1-1946
Op 5 Januari kreeg ik 's avonds koorts, waarschijnlijk een griepje. Jammer, want daardoor
kon ik niet naar de ziekenzaal. Daar werken we samen met zr. de Groot,
Burghart en van de Poels. Alleen nog middagdienst.
Juffrouw Wessels heeft Latijnse en Griekse boeken voor me kunnen krijgen. Zij gaat mij
Franse les geven. Ik lees nu een Engels boek: “Ann is an idiot”. Heel spannend!
Van de Jap, die in “Beatrix” zat, kregen we groene gordijnen. Daar worden nu jasjur ken van
gemaakt. Die van mam en mij zijn al af. Mevrouw Zwaan (9 kinderen) maakte er voor mij
een Engelse muts bij. Pappie behandelde haar kinderen, toen ze ziek waren . Uit dankbaarheid
stuurden ze een mand vol vruchten. Echt aardig!
Nu zijn er Chinezen in “Beatrix”, die het gelukkig goed onderhouden. Laatst bracht één van
hen ons allerlei groente.
De familie Ensering woont nog steeds op de Lembangweg en mevrouw Marzynski zit ook
nog in haar eigen huis. Solveig Polner, mijn lyceumvriendin, woont nu in Van Neckstraat 6.
Het is nu gelukkig overal rustig.
Een paar dagen weer een brief van oma en tante Willie gekregen. Oma is een beetje ziek en
hoest nogal.
We hebben nieuwe schoenen hard nodig.
4 – 5 Februari
Nachtdienst met Roelie samen. Het was zo rustig, dat we om de beurt even konden slapen.
De vorige maand hebben we met dit verpleegwerk f 1420,- verdiend, een he le stapel bankbiljetten!
Ze zijn niet veel waard.
Op 31 Januari hadden we een gecostumeerd bal: Pappie als verpleegster won een zilveren
soeplepel, mam als bakker, Louk Woortman als dokter (prijs: een lepel en vork), Roelie als
zigeunerin, Heleen als een Parijse Apache, haar vriendin Gertie Nijhoff als oma en ik als
vliegenier. Er waren veel aardige costuums. Hoewel ik niet goed dansen kan, heb ik het toch
gedaan met een soldaat van het vreemdelingenle gioen ( Rob P.). We kregen koffie en sandwiches.
's Morgens was er feest bij de Jaarbeurs voor alle schoolkinderen met spelletjes, wedstrijden
met hindernissen en allerlei lekkers. Friso en Paul genoten.
's Middags hier een poppenkast en voor iedereen een taartje, ook op de ziekenzaal.
We krijgen nu geregeld wittebrood en van allerlei blikjes: knakworstjes, boter, jam,
corned beef, peren, melk, pork sausage, margarine, chocola en zuurtjes. We genieten er
enorm van.
In Bandoeng is het nu rustig. We wachten nu in spanning op de besprekingen van dr. van
Mook. Batavia is al geheel gezuiverd.
Op Zaterdag, 2 Februari, hebben we de film “Uncensored” gezien over de ondergrondse acties
in België en het drukken van “La libre Belgique”. Als voorfilm:
150
“Het snelste vliegtuig van Engeland” en de “Vrede van 11 November 1918 en 1945”, gevierd
in Londen bij een groot monument.
We schrijven nu geregeld naar Holland en hebben ook alweer post ontvangen. Linde zit in de
6e klas van het Gym en Willeke in de 5e. Wat ver al!
Misschien gaan we naar Zwitserland voor een poosje, want de Baselse Zending heeft daar
plaats voor 10 zendingsfamilies. Dat lijkt me wel wat.
Haast al onze ooms deden mee in het illegale werk in Nederland. Tante Martha had Joden in
huis. Veel meisjes waren koerierster van de ondergrondse acties. Moedig!
Oma Willie is weer beter. Mevrouw Zwaan schreef, dat zij en bijna al haar kinderen zeeziek
waren en dat de thuisreis nogal akelig was. Linde en Edda schreven, dat ze nu vaak schaatsten.
Op 17 Januari was het de verjaardag van Prinses Margriet. Er werd een parade gehouden
voor de H.B.S. en daarna hees men plechtig de Engelse en Hollandse vlag.
Dan gaat er wel wat door je heen!
Bij de troepen zijn er behalve Gurkha’s ook Sikh’s, grote forse mannen met baarden.
Bij de bewaking van ons klooster zijn er ook een paar. Het grappige is, dat ze voor het slapen
gaan hun baard op een touwtje oprollen en dit dan boven op hun hoofd vastknopen.
1-3-1946
We hebben weer gezwommen in Tjihampelas. Heerlijk! Daarna op bezoek bij tante Nine van
der Brug. Richt was weer terug uit Bangkok. Ook Greet van Gogh, Jannie Koper en Els
Smits ontmoetten we daar. Els was een stuk dikker en zag er goed uit.
Helaas is haar moeder in het kamp gestorven.
We gingen met de bus en dat was ook bijzonder, want dat hadden we al jaren niet meer gedaan.
2-3-1946
Zaterdag. Om half 3 gingen Roelie en ik naar een prachtfilm in de Jaarbeurs:
“Tale of two cities” over de Franse revolutie. Heel indrukwekkend.
's Avonds naar een kerkconcert in de Pieterskerk.
Vanaf half Februari ben ik weer op school en ga naar het Lyceum van meneer Overweel in
het 15e Bat. Ik zit in klas 3B; met veel vakken ben ik achter, maar met Frans en Engels ben
ik voor. Van 1 tot 10 Maart hebben we vacantie. Daarna ga ik misschien naar het Christelijk
Lyceum op de Dagoweg, waar ik vroeger ook op was.
Ik heb me opgegeven voor het Gym.
Dinsdag ben ik naar de rythmische gymnastiek van Annie Veer geweest. Dat beviel me reuze
goed.
3-3-1946
Zondag. In de Oosterkerk werd een jeugddienst gehouden. Ds.Woortman had een goede
preek over: “Staat pal!” Ik hielp bij de collecte. (f 414,-)
's Avonds werd er gedanst in het zaaltje. Truus en Arie van Selst leren me de passen.
Ook een Engelsman danste met me, maar die doen heel andere passen, wat wel lastig is. Ik
kan de Engelsen slecht verstaan, want ze spreken onduidelijk.
5-3-1946
We beginnen met inpakken. Onze koffers zijn snert. We proberen nog wat spullen uit
Tjihapit terug te krijgen.
Ton Woortman kwam even langs. Hij is niet veel veranderd, wel wat ouder geworden.
151
28-3-1946
Op het Lyceum kan Heleen naar klas 1F en ik naar klas 3A, Roelie is nog niet ge plaatst.
Zuid-Bandoeng is nu vrij gemaakt. Veel gebouwen zijn er door de extremisten verbrand. Er
wordt nog wel af en toe geschoten. Een paar dagen geleden (Zondagavond) sloeg vlakbij,
schuin achter ons, een mortierbom in de weg. Het was een ontzettende knal! Daarna volgden
er nog meer, maar niet zo dichtbij. We schrokken erg. Die nacht waren er in de stad overal
branden te zien. Dat was de nacht, dat de extremisten Zuid-Bandoeng moesten verlaten.
In Holland is het nog steeds erg koud, maar toch is tante Willie al aan de schoonmaak begonnen.
Oom Ben en tante Ank de Ridder, die ook naar Heemstede willen,
hebben net een oproep gekregen voor het schip “Klipfontein”. Morgen vliegen ze naar Batavia
en overmorgen vertrekken ze. Dus wij zullen ook wel gauw gaan.
Pappie staat met dr. van Soest en dr. Schrok boven aan de lijst.
Hettie en Wiem Feith, die in mijn klas zitten, gaan waarschijnlijk als student-corveester (ook
naar Heemstede). Verder zijn er: Inge Buyn en Pautje de Vries, Marit
Koopman, Mollie Popken (net weg naar Holland), Hanna Carmenjole, Henny Zon,
Pim Burlage, Jan van de Let (ook al weg), Paul Engel, Hans van Ommen, Otto Lie sendaal,
Henk en Cor de Liefde-Meier, Bennie Wijsman en wat Chinese jongens.
Solveig Polner is brutaal in de 5e klas gaan zitten. Ze is verloofd met een Rus en zal trouwen
voordat ze naar Australië gaat. In de 4e klas ken ik: Maaike Versloot, Henny en Titi Ens ering.
Rietje Ensering en Louk Woortman in klas 2D, Hannie en Wim Woortman in de 1e
klas. Omdat ik voor de oorlog in de 3e klas zat, kan ik een 3-jarig diploma krijgen. Daarvoor
moet ik naar prof. Esbach. In Holland wil ik naar de 4e klas.
Als we op 14 April nog hier zijn, doen Roelie en ik belijdenis bij oom Ot van der Brug in de
Oosterkerk. We krijgen daar nu catechisatie voor van ds. Woortman, samen met juffrouw
Hamstra en juffrouw van de Zwan. Het zou dan in de jeugddienst gebeuren. Laatst heeft ds.
van der Linde (Sybolt) een mooie preek gehouden over Petrus. A.s. Zondag komt ds. Corvinius.
We hebben een paar stevige hutkoffers gekregen van mevrouw Wunderink uit Tjihapit. Mevrouw
Oliviera zit al in Batavia. De Krijgers zijn al in Heemstede aange komen. Familie
Zwaan zit ook al in Holland en heeft het erg koud.
Ot van der Brug en Henk Offereins zitten op Bali, Ot in de stoottroepen en Henk in de staf.
Richt gaat er binnenkort naar toe.
Ik ken mijn Franse lerares (mej. Stempel) nog uit het washok in Solo, waar ze de ziekenhuiswas
deed. Janneke en Ruth Maier zijn kortgeleden als student-corveester
vertrokken met de “Boschfontein”.
Woutertje kan zo stout en zo grappig zijn. Hij staat ook leuk op de twee familiefoto’s, die er
gemaakt zijn. ( voor f 300,- Japans geld!)
152
2-4-1946
Nog steeds geen oproep. Het is nu heerlijk weer. Gisteren zijn er hier weer mensen uit Tjimahi
aangekomen. Er wordt nog vrij veel geschoten in de verte, maar gelukkig is het hier
dichtbij alles rustig.
Roelie is nu beter, maar nu is Heleen een beetje ziek.
Op school gaat het goed, behalve met wiskunde. Ik doe nu ook weer wat aan Latijn en
Grieks, want in Holland wil ik naar het gym.
13-4-1946
De vorige week Donderdag werd de catechisatie afgerond door oom Ot. Als vertegenwoordiger
van de kerkeraad kwam meneer van Ommen, de vader van Hans.
Hans kent pappie nog uit Tjimahi en was vol lof over hem. (had een knobbel).
Morgen doen Roelie en ik belijdenis, samen met Tineke Kuylaars en Honny Krijgs man. Ik
verheug me er al op!
Richt verwacht weer een kindje. Wat hoop ik, dat het nu goed gaat.
Op 16 April gaat er weer een transport, waar we nog niet bij zijn. Maar dan zijn wij aan de
beurt! De fiets van oom Ies proberen we mee te smokkelen.
153
14-4-1946
Vandaag de geloofsbelijdenis gedaan in een feestelijke dienst in de Oosterkerk!
Daarna nog een aannemingsdienst meegemaakt van ds. van der Linde. Het was alle maal
heel byzonder en blij. Zoiets maakt je helemaal warm van binnen.
17-4-1946
Vanochtend na het 4e uur een Paaswijding gehad in de aula. Mevrouw Homan droeg een
paar gedichten voor, o.a. “O tijd, die komt....”. Een koor zong prachtige Paasliederen. Ds.
Kuiper las voor uit de bijbel en we eindigden met: “Mijn schild ende betrouwen”. Heel
mooi!
19-4-1946
Deze morgen hebben we de viering van het Avondmaal in het Juliana-Ziekenhuis meegemaakt.
Oom Ot leidde de dienst en Roelie en ik mochten er voor het eerst aan deelnemen.
21-4-1946
Paasfeest! Ds. Oberman sprak voor het laatst in de Oosterkerk, want hij vertrekt Dinsdag.
22-4-1946
Grote P.J.C.-reunie in de Pieterskerk onder leiding van ds. Keers. Vele bekenden terug gezien.
Twee soldaten uit Holland vertelden over hun ervaringen. De één over zijn ontsnapping
uit de gevangenis en de ander over het ondergrondse werk.
154
24-4-1946
Door meneer Overweel ben ik in de 4e klas geplaatst, omdat ik anders mijn 3-jarig diploma
niet krijg. Met Engels en Frans zal het wel lukken, maar voor de andere vakken moet ik nog
wat inhalen. Ineke van Dijk (zaal 12A) zal me hierbij helpen.
Toen we thuiskwamen, riep Roelie: “We gaan Zondag om 2 uur!”
Eindelijk! Eindelijk! Hoera! Inpakken geblazen.
Vanmiddag kwam Frank Pelling ons weer opzoeken. Hij kwam kort geleden uit Tjiandjoer,
waar hevig gevochten was. Hij ontsnapte twee keer ternauwernood aan de dood en zag kna lgeel
van de obat tegen de malaria.
Ds. van der Linde kwam al afscheid nemen.
28-4-1946
Zondag. Voor het laatst naar de Oosterkerk. (Ds. Jens) Afscheid genomen van veel lieve en
dierbare mensen. Frank Pelling bracht ons nog even naar Borromeüs om juffrouw Wessels
op te zoeken en te groeten.
Iets over tweeën kwamen de vrachtauto’s en de bussen. Wouter kreeg, toen hij de Engelse
zusters goedendag zei, nog twee chocoladerepen. Ook moest hij Ruth Wür big, Mieke Beuker
en haar vader (meneer Portier) groeten. Ze vonden het jammer, dat hun “zoontje” nu wegging.
Nog vele handen gedrukt en door velen nagewuifd.
Zr. van der Sluijs Veer vertrok tegelijk met ons.
Op naar Andir! Daar hoorden we, dat we pas morgenochtend vroeg naar het vliegveld zouden
gaan. In gerieflijke zalen werden we ondergebracht. (Zaal 21)
Pappie en Friso maakten nu samen met ons het “britsen-leven” mee. Een pessimistische man
keek naar de matrassen en zei: “Zullen we er alleen op liggen?”
Gelukkig geen last van pietjes gehad.
Afgelopen Vrijdag kreeg ik van meneer Overweel twee verklaringen:
één voor Heleen, dat ze in de 1e klas zat en één voor mij, dat ik toehoordster was in de 4e
klas. Mijn 3-jarig diploma zal naar Holland opgestuurd worden.
“Geroerd en met een traan ” heb ik hem bedankt en afscheid genomen, daarna nog van mej.
Stempel en meneer Bos. Hanna Carmenjola en Hans van Ommen vertrekken ook naar Ho lland.
Inge Buyn en Pautje de Vries heb ik nog blij kunnen maken
met wat schoolboeken.
29-4-1946
Brr! Het was koud vanochtend. Ik werd al vroeg wakker, want sommigen kinderen waren zo
rumoerig. Om 8 uur werd onze bagage opgehaald. Friso, Paul, Heleen en ik kregen onze
laatste Bandoengse lift in een leuke geel-zwart geblokte jeep. Pappie, mam, Roelie en Wouter
kwamen chique in de auto van dr. Lay. Daarna weer wachten en wachten. Onze bagage
werd gewogen en het bleek veel te veel te zijn. De twee minst nodige hutkoffers en vier pakketten
moesten we achterlaten. Na 1 Juli zal men die ons nazenden. Eindelijk kwam tegen
twaalven ons vliegtuig, een grote Dakota. Toen was er nog teveel barang. Het restje zou va ndaag
nog nagestuurd worden.
Het pakket met de fiets van oom Ies was daar ook bij.
De vliegtocht verliep heel vlot, wel met veel remous, wat soms mijn maag raar aan het draaien
maakte. Ik was blij, toen we op Kemajoran landden, al regende het daar flink. We schuilden
onder het vliegtuig tot een vrachtauto ons ophaalde. Thee ge dronken in het kantoor en
toen naar..... kamp Adek! Dat hadden we nooit gedacht!
155
Een doorgangshuis voor koelies en een berucht vrouwenkamp. Maar het viel erg mee: We
kregen 2 nette vier-persoons kamertjes en goed eten, Er was ook licht en stromend water.
30-4-1946
Prinses Juliana jarig!
Kinderparade en wedstrijden. Wouter kreeg ook een vlag. In de stad Batavia was er een grote
parade met tanks en troepen. Mam en ik konden met tweemaal een lift ook even naar de stad.
We kochten er mooie, stevige schoenen.
Vanmiddag geschreven en vanavond gedanst. Er waren veel Hollandse jongens (één hele
lange!) Ook Hans van Ommen met zusje, Mientje van der Plas en Hanna Carmenjola zag ik
er terug. De muziek was nogal snert. En warm, warm, warm!
Morgen gaan we om 1 uur naar Tandjong Priok.
1-5-1946
Vanochtend in de stad na veel moeite kleren gekregen bij de NIGEO. Nog meer schoenen en
3 handkoffers gekocht. Ik kon ook Indonesische postzegels krijgen.
Om 3 uur een rit met de vrachtauto naar Priok, maar het was heerlijk weer.
De lijsten nagekeken. We kregen een rose kaart en konden aan boord van de
“Boissevain”. Pappie kreeg samen met andere doktoren een prachtige hut. Wij kwamen in
ruim F4, ongeveer 4 m boven het water. Lange tafels (12 pers.) en veel corveesters. We slapen
in grote hangmatten. Wouter kreeg er ook één, heel grappig
gezicht! Twee dekens per persoon. Gelukkig waren er patrijspoorten en fans, want het is er
erg warm. Het eten is erg lekker. We mogen baden in de hut van de familie van der Leest
(zout water natuurlijk). Aan dek is het heerlijk!
2-5-1946
Heel prettig in mijn hangmat geslapen. Ik gaf me op als hulpverpleegster en had voor het
eerst dienst van 2 – 9 uur. Nog niet druk. Alles heel modern. Veel kinderen ziek.
We eten er allemaal samen. 's Avonds gebaad en geschreven aan Mieke Beuker, Ruth Würbig,
Adelheid Schieferlie en Jacky Supit.
4-5-1946
We varen! We varen! Om half 8 vertrokken we. Door een klein sleepbootje “Conny” zijn we
voorzichtig weggetrokken. Daarna de pieren uit.
Lang heb ik achteruit gekeken, lang heb ik alles met mijn ogen vastgehouden. Met zonnig
weer vertrokken we. Dag lief en mooi Indië! Je bent voor mij een moederland geweest. Lief
en leed heb ik met je gedeeld. Ja, ook leed. Ik zal vaak aan je terugdenken, aan je mooie bergen
en landschappen, geuren en kleuren.
We varen snel en gaan tussen een heleboel eilandjes met klapperbomen door. Mooi staat dat
witte schuim op die groene golven. Hier en daar een vuurtorentje. Gelukkig
niet veel deining. In de ziekenzaal leerde ik Lies de Kroes kennen, een aardig meisje,
dat er ook als hulpverpleegster werkt.
6-5-1946
Het schip schommelt nogal. Gelukkig hebben we er niet zo veel last van, behalve Paul, die
de hele dag in de hangmat ligt en zo de slingering niet voelt.
We hielden sloepenrol. Tot Colombo moeten we onze zwemvesten blijven dragen vanwege
mijnengevaar.
156
9-5-1946
Donderdag. Vanochtend vroeg aankomst in Colombo. Veel prachtige huizen, veel schepen,
maar geen Hollandse. Op de uiteinden van twee lange pieren stonden leuke
torens. Heel langzaam voeren we binnen. Water en vruchten werden geladen.
Een paar jongens van de bemanning zwo mmen om het schip, wat niet ongevaarlijk was. We
mochten niet aan wal natuurlijk. En warm, dat het was, vooral in het ruim.
10-5-1946
's Ochtends om 10 uur vertrek. Gelukkig werd het direct wat frisser. Een rustige zee.
Vannacht passeerden er een paar schepen. Af en toe wordt de klok een half uur achteruit gezet.
Daardoor worden we vaak erg vroeg wakker en dan is de zon al vrij hoog. Baden met
zout water is niet zo prettig, want je voelt je daarna kleverig, maar we spoelen ons met een
beetje zoet water na. Gelukkig mogen we gebruik maken
van de badkamer van mevrouw Beeuwkes en van familie van der Leest.
14-5-1946
Woutertje jarig! Ik gaf hem een reep chocola, die ik gisteren op de dansavond van Jan Dievenbach
(verpleger) had gekregen. Verder kreeg hij nog veel meer kleinigheidjes en allerlei
lekkers, dat bijna altijd gauw verdween. Maar elke keer dat hij wat kreeg, was hij zo enig
verrukt! Iedereen vond dat ook zo leuk. Op het laatst had hij een blik vol snoep verzameld.
Dan kon hij net als Paul zeggen: “Ik heb nog!”
Bij Kaap Guardafui was de zee nogal woelig en kregen Lies en ik het te kwaad. We zaten
samen een poosje aan dek en dat deed ons goed.
Na de Kaap was in de Golf van Aden alles weer rustig. We passeerden het eiland Perin met
een groot fort, een vuurtoren en grote stukken geel strand. Leuk, weer eens een stukje land te
zien na al dat water, hoewel ik toch niet gauw genoeg van de zee zal hebben. De warmte in
de Rode Zee valt mee. Het is er nu zelfs koel.
18-5-1946
Zaterdag. Aankomst in Suez. Ik ben net wat ziek geworden. Na de nachtdienst voelde ik me
vanmorgen doodmoe, verkouden, had keelpijn en verhoging. In bed geploft en heerlijk geslapen.
Daarna was ik weer heel wat beter.
Morgen gaan de eerste groepen aan land om kleren te halen in Ataka. Ik hoop, dat ik mee
mag. We hebben een prachtig uitzicht: trotse, hoge, kale rotsen in kleuren, die variëren tussen
geel, rood en donkerbruin. Het is merkwaardig zo duidelijk de lagen te zien, waaruit alles
is opgebouwd. Helaas is er geen stukje groen te zien.
Avond: Hoera, ik ben koortsvrij en mag morgen mee!
19-5-1946
Zondag. Vanmorgen vertrokken we om 7 uur. In twee platte boten voeren we naar de kust,
een heerlijk tochtje. Op de kade stapten we in een leuk treintje. Friso en Paul hadden schik
om de lange soepjurken van de Arabieren. We zagen ook wagens met prachtige paarden er
voor. Ik zag ook een kameel met een Arabier er op in een schommelende gang. Echt een
“schip” van de woestijn. We kwamen ook langs een oase. Dat groene plekje stak zo af tegen
die dorheid van zand en stenen! Van dichtbij leken de rotsen nog grootser en kaler. Na ongeveer
10 minuten rijden kwamen we aan bij een paar grote, met vlaggen versierde loodsen.
Een meneer sprak ons door een omroeper toe. Hij heette ons welkom en gaf wat raadgevingen.
Een leuke band speelde leuke wijsjes en toen mochten we naar binnen. Daar bleek het
Luilekkerland te zijn. Er waren taartjes, koekjes, zuurtjes,
157
belegde broodjes, pisangs, djeroek en koffie. En je mocht nemen zoveel je wou!
Verder een aardige speeltuin voor de kinderen. Voor de uitdeling van de kleren werd iedereen
eerst doorgelicht. Wij hadden hoge nummers en moesten dus nogal lang wachten. Wouter
vond het doorlichten heel griezelig. Je mocht namelijk geen metalen voorwerpen bij je
hebben. Eindelijk waren we zover. Mam hielp de jongens eerst met passen en kwam daardoor
helemaal achteraan bij ons, maar kon alles rustig afwerken. We kregen prachtige warme
kleding en toiletartikelen, waar we heel blij mee waren. Intussen speelde de band vrolijke
muziek. De dirigent bespeelde zelf meesterlijk een prachtige accordeon. Hij keek me steeds
aan, wat me eerst verlegen maakte, maar later vond ik het wel leuk en keek terug. Hij had
geen mooi, maar een echt mannelijk gezicht.
Door het langdurige uitdelen van de kleding misten we de eerste trein en bleven toen op de
tweede wachten, die ongeveer om 3 uur kwam. “Hij” stond ook voor de loods, toen we weggingen
en wuifde terug, toen ik goedendag wuifde. Daarna weer het fijne tochtje terug naar
de boot, waar we moe,warm, maar voldaan aankwamen.
20-5-1946
Maandag. Ik ben nog eens naar Ataka geweest!
Namelijk om kleren te halen voor Erie
Fournier, die net ziek lag. We hebben ongeveer
dezelfde maat. Alles ging prachtig. Toen
het orkest het welkomstlied speelde, heb ik me
niet laten zien. Binnen ging ik op mijn oude
plekje zitten, schuin tegenover het orkest.
“Hij” zag me direct en moest zo lachen. Ik ook
natuurlijk. De anderen hadden het ook door,
geloof ik. Het werd een heerlijke ochtend.
Toen de eerste groep terugging, ben ik niet
meegegaan, maar nog gebleven. Een jongen,
die ons djeroeksap schonk en een grappige
Arabische djongos hadden me door en lachten.
Ik heb me ook nog laten fotograferen, vier foto’s
voor f 6.-. Ze worden me opgestuurd. Ik
heb er mam niets van verteld, dan is het een
verrassing! Er werd ook nog gedanst. Ik
tweemaal met een M.P.-er en eenmaal met een
Engelsman. Nogal moeilijk, want de vloer was
met matten bedekt.
Ankie Zelis, Zr. van der Sluis Veer en Rob
Polderman waren er ook. Eindelijk moesten
we weg. “Hij” kwam ook naar de uitgang en
gaf me een hand. Toen heb ik hem bedankt
voor alles en hij wenste me een goede reis.
Toen de trein wegging heb ik nog gewuifd.
Waarschijnlijk zien we elkaar nooit meer terug.
“Ships that pass in the night”. Ik ben
doodmoe, maar voel me toch prettig en opgewonden.
Zou dit nou
“liefde op het eerste gezicht” zijn? Het was een bijzondere ervaring.
158
's Avonds voeren we verder het kanaal in. Er waren heel veel lichtjes, een sprookjesachtig
gezicht. Langzaam en voorzichtig gleed de boot voort.
21-5-1946
Vanmorgen vroeg kwamen we in Port Said aan. Ik had nachtdienst. De hele nacht voeren we
door. Er zijn hier vrij veel moderne gebouwen te zien. Veel mensen bieden leerwerk, dadels,
enzovoort aan. Ik heb me naar gelachen om het onderhandelen van Rob Polderman met die
kerels. Hij kan ze zo goed nadoen.
De hele ochtend heb ik gemaft. Vanmiddag heeft mam nog heerlijke sinaasappelen kunnen
kopen.
Toe-oe-oe-oe-oe-oet! Daar gingen we weer. Bij het uitgaan van het kanaal voeren we door
een heel stuk stad. Een merkwaardig gezicht: al die huizen en winkels zo dichtbij. We passeerden
ook twee Hollandse schepen, waar we enthousiast naar ge wuifd hebben. Enig!
We zagen natuurlijk ook het grote, groene standbeeld van Ferdinand de Lesseps, die
zijn hand zo sierlijk uitnodigend naar het kanaal houdt. Daarna twee lange pieren en dan
weer de zee, een prachtige, gladde en rustige zee. Het wordt wel al wat fris.
23-5-1946
Donderdag. Mam jarig! Pappie bracht cadeautjes en at bij ons, heel gezellig!
De zee is nogal woelig. Dat is gek met dansen. Het ene moment hol je heel hard en even later
lijkt het, of je een berg op gaat. Het is wel lachen geblazen.
We passeerden een paar eilanden. Kreta?
27-5-1946
Vandaag Gibraltar gepasseerd. Er kwamen veel schepen voorbij.
Er is een kerkdienst gehouden.
28-5-1946
Pappie jarig! Woutertje verklapte, dat er brillantine in het cadeautje zat.
We aten weer gezellig samen. Dank zij zijn advies om in de ziekenzaal te gaan werken, heb
ik weinig last van zeeziekte. Ik denk: door de afleiding. Dat komt nu goed van pas, want het
schip stampt flink en er zijn velen zeeziek.
We konden zeep en suiker kopen.
29-5-1946
De Engelse kust in zicht. Nogal wat mist. Weer een sloepenrol gehouden, want ook hier is
mijnengevaar. Een schip passeerde vlakbij. We wuifden naar twee Hollandse schepen. Er is
nu een Engelse loods aan boord.
30-5-1946
Donderdag. Om half 6 kwamen de pieren in zicht, verder kale, grijze vestingwerken en de
duinen van IJmuiden. Familie de Ridder bezorgde ons een verrassing. Ze stonden er met een
grote spandoek: “B O S M A N Eric” En wij lachten en wuifden!!!
Weldra kwamen we binnen de sluizen. Weer veel wuivende mensen en nog een bord
met : “BOSMAN”. Het was niet goed te zien, wie het waren, maar het was zo hartelijk!
Verder door een lief Hollands landschap met veel plezierbootjes en gezwaai. Bij de aankomst
speelde een orkest allerlei vaderlandse liederen. De zieken gingen per brancard naar
beneden. In een loods werden we ontvangen met broodjes, koek, koffie, melk en erwtensoep.
Naar het station werd Wouter gedragen door soldaten.
159
Van Amsterdam Centraal naar Haarlem met de electrische trein, een nieuwe erva ring. Tot
slot met twee personenauto’s naar Heemsteedse Dreef 105, waar oma Willie en tante Willie
ons met open armen ontvingen en een nieuw begin ons wachtte.
Mijn moederland moest ik loslaten. Ik had er een gelukkige jeugd. Maar de pijn om de tijd
van de Japanners en de extremisten vergemakkelijkte mij het afscheid. Het is voorbij!
Nu strek ik mijn armen uit naar dit vaderland met vrede, vrijheid en nieuwe mogelijkheden.
God zij dank!

 

Previous • Hoe het begon • 1943 • Tjihapit • Solo • Lampersari • Naar Nederland • Regerings Verklaringen